— Hoezo jouw appartement? Wij wonen hier allemaal, en jij kunt toch niet bepalen wie er wel en niet mag wonen! — gooide de schoonmoeder haar handen in de lucht.

Katja verstijfde. Hoe vaak had ze dat ‘tegenwoordig’ al gehoord?

— Ik ga nu het avondeten maken, — mompelde ze terwijl ze de boodschappenpakketten uitpakte.

— Doe maar niet, — wuifde Ljoedmila weg. — Ik heb alles al gedaan. En jouw vaat was ook verkeerd neergezet.

Katja verstijfde plotseling.

— Wat betekent ‘verkeerd neergezet’? Dit is mijn keuken, Ljoedmila…

— Precies, jouw keuken, — knikte ze. — Maar je moet het wel goed organiseren. Ik ben tenslotte een ervaren huishoudster!

Katja voelde haar woede oplaaien. Ze keek naar de tafel — Sasja zat met gebogen hoofd, alsof hij zich wilde verstoppen.

— En trouwens, — voegde de schoonmoeder er plotseling aan toe terwijl ze de muren kritisch bekeek, — jullie hebben al lang een renovatie nodig. Alles is oud.

Katja kneep haar kaken op elkaar.

— Ljoedmila, — zei ze met een zo gelijk mogelijke stem, — we hadden afgesproken dat jullie bij ons zouden wonen tijdens de renovatie. Maar die is nog niet eens begonnen. Misschien moet je daar eens over nadenken…?

— Oh, er was een probleem met de renovatie, — zuchtte de schoonmoeder. — De vakmannen lieten het afweten, verkeerde materialen… We zullen nog even bij jullie moeten blijven.

— Hoe lang? — vroeg Katja zacht.

— Nou, twee of drie maanden, niet meer, — gebaarde Ljoedmila nonchalant. — Wat is daar nou erg aan? We zitten jullie niet in de weg!

Katja voelde haar vuisten zich ballen. Twee of drie maanden? Gaat dit echt nog twee of drie maanden duren?

— Sasjientje, — zong de schoonmoeder plots glimlachend, — misschien hoeven we het met de renovatie helemaal niet te haasten? We verkopen ons appartement en wonen hier allemaal samen. Genoeg plek!

Katja verstijfde.